Dinsdag 17 september was het weer Prinsjesdag. In de miljoenennota zijn de belangrijkste financiële plannen van het kabinet opgenomen. Net als de afgelopen jaren was de belangrijkste boodschap dat de koopkracht er voor vrijwel iedereen op vooruit gaat, gemiddeld met zo’n 2%. De regering baseert zich op berekeningen van het Centraal Plan Bureau (CPB).


De afgelopen jaren is de koopkracht telkens minder toegenomen dan op Prinsjesdag voorspeld. Premier Rutte heeft toegelicht dat dat komt omdat er zaken van invloed zijn waarover de regering niet beslist. Zo bepaalt de regering bijvoorbeeld niet wat de algemene prijsstijging in Nederland zal zijn, hoeveel de lonen zullen toenemen en of pensioenen omhoog gaan, gelijk blijven, of omlaag gaan. Wat dat betreft rekent het CPB dus met een flink aantal aannames. Of de voorspelde koopkrachtstijging waarheid wordt zal de toekomst moeten uitwijzen. Niettemin heeft het kabinet wel de nodige maatregelen genomen. De belangrijkste zetten we voor je op een rijtje.

Inkomstenbelasting versneld naar 2 schijven
Het was de bedoeling de inkomstenbelastingtarieven in 2021 terug te brengen naar 2 schijven, maar dat gebeurt al een jaar eerder: per 1 januari 2020. Dan gaat het tarief in de eerste schijf omhoog van 36,65% naar 37,35%. Tegelijk gaat het percentage van de schijven 2 en 3 (nu beide 38,1%) omlaag naar 37,35%, waardoor de 3 schijven teruggebracht worden tot 1 schijf. De vierde schijf (vanaf 68.507 euro) wordt dan de tweede schijf en het tarief zakt daarin van 51,75 naar 49,5%.

“Per 1 januari 2020 gaat het tarief in de eerste schijf omhoog.”

Verhoging heffingskortingen
Tegenover de verhoging van het belastingtarief in de eerste schijf staat een verhoging van de algemene heffingskorting. Deze heffingskorting is in feite een korting op de inkomstenbelasting die je moet betalen. Door die heffing te verhogen met 145 euro (maar wel iets sneller af te bouwen) wordt de verhoging van het tarief in de eerste schijf gecompenseerd. Hoe lager immers het inkomen, hoe groter die extra 145 euro procentueel is.

Naast de heffingskorting gaat ook de arbeidskorting met maximaal 420 euro omhoog. Deze extra korting op de verschuldigde inkomstenbelasting is gunstig voor werkenden.

“Tegenover de verhoging van het belastingtarief in de eerste schijf staat een verhoging van de algemene heffingskorting.”

AOW en uitkeringen
Dat laatste voordeel hebben niet werkenden niet, maar ook voor hen heeft het kabinet een financieel voordeel in petto. Zo stijgt de bijstand met 2,6%, de WIA en WW uitkeringen met 2,3% en de AOW met 2,8%. Dat gebeurt deels per 1 januari en deels per 1 juli. In de berekeningen van het CPB wordt ervan uitgegaan dat de pensioenen in 2020 onveranderd blijven. Dat is echter twijfelachtig. Verschillende pensioenfondsen hebben de afgelopen weken laten weten dat hun dekkingsgraad, met name door de lage rente, zo ver is gezakt dat verlagingen per 1 januari 2020 erg waarschijnlijk zijn. Voor gepensioneerden is het dus maar de vraag of ze er echt op vooruit gaan.

“Ook voor niet werkenden heeft het kabinet een financieel voordeel in petto.”

Hypotheekrenteaftrek hoge inkomens fors omlaag
Sinds 2014 daalt de kostenaftrek voor de eigen woning voor inkomens in de hoogste belastingschijf (boven de 68.507 euro). Komend vanaf 52% belasting (en dus een aftrek van 52%) werd de aftrek jaarlijks met 0,5% verlaagd, zodat de aftrek in 2019 nog maar 49% is.

Vanaf 2020 gaat het echter veel harder: met 3% per jaar in 2020, 2021 en 2022 en 2,95% in 2023 komt de aftrek dan uit op 37,05%. Dit is gelijk aan het tarief van de eerste schijf van de inkomstenbelasting tegen die tijd, zodat voor iedereen tegen die tijd 1 percentage mag worden afgetrokken.

Overigens zijn deze plannen niet van dit jaar. Ze beïnvloeden natuurlijk wel de verwachte koopkracht.

“Vanaf 2020 daalt de kostenaftrek voor de eigen woning voor inkomens in de hoogste belastingschijf veel harder.”

Toeslagen
Er zijn verschillende toeslagen die aangepast worden, maar de 2 grootste veranderingen betreffen de huurtoeslag en het kindgebonden budget voor tweeoudergezinnen.

Het kindgebonden budget voor tweeoudergezinnen wordt vanaf 2020 afgebouwd vanaf een inkomen van ongeveer 38.000 euro. Nu is dat al vanaf 21.000 euro. Het is deze maatregel die maakt dat werkende stellen met kinderen en een middeninkomen er naar verwachting het meest op vooruit zullen gaan, soms met wel 4,5%.

De huurtoeslag wordt vanaf 2020 geleidelijk afgebouwd vanaf een inkomen van 22.700 euro (30.825 voor tweepersoonshuishoudens). In 2019 bestond bij die inkomens helemaal geen recht meer op huurtoeslag.

“De 2 grootste veranderingen betreffen de huurtoeslag en het kindgebonden budget voor tweeoudergezinnen.”

Zelfstandigenaftrek
De meest in het oog springende maatregel met betrekking tot zelfstandigen is dat de zelfstandigenaftrek omlaag gaat. Zelfstandige ondernemers hoefden tot nu toe over de eerste 7280 euro van hun winst geen belasting te betalen. Dat gaat terug naar nog maar 5000 euro in 2028. Met een verlaging van 250 euro in 2020 wordt de eerste stap die richting op gezet.

“De zelfstandigenaftrek gaat omlaag.”

Overig
We noemen nog 2 wijzigingen die je in de portemonnee kunnen raken. In de eerste plaats gaat de accijns op sigaretten en tabakswaren omhoog: voor een pakje van 20 sigaretten scheelt dat per 1 januari 14 cent en per 1 april nog eens een euro.

In de tweede plaats wordt de bijtelling voor de elektrische auto van de zaak die ook privé gebruikt wordt 8% (in plaats van 4% nu). Bij een cataloguswaarde van de auto vanaf 45.000 euro (nu 50.000 euro) wordt dat 22%.

Wat betekent dit in geld?
Hiervoor zijn de veranderingen in grote lijnen weergegeven. Om een indicatie te krijgen waar je in jouw situatie ongeveer rekening mee kunt houden heeft het Nibud de Koopkrachtberekenaar 2020 online gezet. De berekenaar geeft slechts een globale inschatting, er zijn veel zaken die lang niet iedereen raken buiten beschouwing gelaten. Maar je kunt er gewoon eens een kijkje nemen voor een eerste indicatie. Invullen kost nauwelijks tijd.

“Check de Nibud de Koopkrachtberekenaar 2020 om een indicatie te krijgen waar je in jouw situatie ongeveer rekening mee kunt houden.”

Tenslotte
Los van koopkrachtmaatregelen voor 2020 zijn er nog een aantal andere besluiten aangekondigd. We willen er 2 noemen.

Zo heeft de regering besloten een miljard euro te stoppen in een bouwfonds voor de gemeenten. De bedoeling is om daarmee de doelstelling van 75.000 nieuwe woningen per jaar te halen.

En tenslotte zal de inkomstenbelasting over spaargeld in box 3 van de inkomstenbelasting per 1 januari 2022 grotendeels verdwijnen. Er zal aangestuurd worden op een wijze van belastingheffing over vermogen die meer aansluit bij het werkelijk behaalde rendement in plaats van een fictief rendement, zoals dat nu wordt aangenomen. Dat betekent dat sparen (waarmee nauwelijks nog rente gekregen wordt) tot een behoorlijk bedrag vrijgesteld zal gaan worden van heffing. Dat geldt niet voor vermogen dat op andere manieren aangewend wordt.

Bron foto: Rijksoverheid.nl